NL #9 JUL 2011

nicolas jaar

nicolas jaar

Deze pagina heeft Flash en javascript nodig.

Download gratis de nieuwste Flash Player !

Download Adobe Flash Player

pitch totaal terugschroeft en opent met een beatloze space-ervaring.

Eerder op de dag geeft ‘Nico’ daar alvast antwoord op als APE Magazine hem spreekt in de lobby van het NH Hotel. “Muziek hoeft niet snel te zijn om erop te kunnen dansen. Mijn boodschap zit ´m in de emotie die mijn muziek teweeg brengt, niet in het downtempo gebeuren. Bij een hiphop show dansen mensen toch ook op 60 beats per minuut? In house kan dat ook uitstekend.”

Eerder dit jaar in Trouw gaf hij solo al een dijk van een show weg, ook met die befaamde opbouw. Het is te vergelijken met voorspel in de slaapkamer. Hoe langer je streelt met dat veertje, hoe groter de ontlading als er, nou ja, de beat in wordt geknald. “Een dj die start op 120 bpm kan onmogelijk terug naar 105. Maar als je start op 60 of 70 bpm en je voert dat langzaam op naar 105, dan is dat voor je gevoel heel heftig.”

Rolling Stone-virus

In een hokje is Jaars muziek amper te stoppen. Heeft-ie zelf ook een hekel aan, dus daar hoeft hij geen antwoord op te geven. Wel is er binnen de elektronische muziek sprake van een nieuwe beweging. Artiesten als James Blake, Jamie Woon (ook zondag op Pitch!) en The XX gaan voor downtempo, dompelen hun muziek onder in spaarzaam gebrachte bassen afkomstig uit de dubstep en geven ‘m een spacy geluid door het gebruik van echo en andere subtiele en gelaagde geluiden.

Luister naar de openingstrack van Jaars debuutalbum Space Is Only Noise en je voelt het. Een fata morgana van geluid, een bijna hypnotiserende ervaring. Jaar heeft er dit over te zeggen: “Geluid is alles voor mij. Daarom speel ik liever in een club dan een poptempel. De muziekinstallaties zijn daar gewoon beter. Vrienden van mij die niet van elektronische muziek houden en nooit clubs bezoeken, luisterden mijn muziek via een goeie koptelefoon. Vonden ze cool. Bezoeken ze vervolgens een show van me, zijn ze flabbergasted. ‘Hey, hier speel je andere muziek!’ Nee, het zijn dezelfde nummers, maar het is een andere beleving. Datzelfde hebben artiesten als Mount Kimbie, Daedelus en voor mijn part ook James Blake. Onze muziek leeft, verandert zodra die subbas erbij komt. Zonder Paradiso af te vallen, denk ik dat Trouw een betere installatie heeft. Dat is toch eigenlijk van de zotte? De muziekindustrie is besmet met het Rolling Stone-virus. Rock 'n roll is de norm in deze business.”

Nieuwe dingen maken doet hij het liefst in zijn uppie. “Dat is per definitie zo met alle elektronische muziek. Je wil niet twee mannen aan één computer hebben, dat werkt niet. Rock 'n roll is anders. Ook geweldig, met elkaar een beetje jammen. Dat geldt ook voor mijn optredens. Ik speel liever met de band dan alleen, omdat er dan meer mogelijk is. Je kunt makkelijker improviseren en op het moment of het publiek inspelen. Er is meer ruimte voor chaos. Solo ben ik meer gefocust. Dat is goed en daar put ik ook lol uit, maar in je eentje heb je één plafond. Met zijn vieren kun je daar dwars doorheen en tot grotere hoogtepunten komen.”

Nooit voor de leuk

Nou en of, staande achter zijn laptop, toetsen en een paar apparaten waar we de naam niet van weten, manipuleert hij de ruim duizend man in Paradiso. Het zijn haast ondefinieerbare beats, maar ze grijpen je bij de keel. Een gevoel van heimwee in je maag maant je tot dansen. Stap-sluit of met iets wildere gebaren, maar altijd met een stijlvol gevoel voor slow-motion. De band vult aan. Een oude online hit als El Bandido krijgt een funky live gitaarriff en op het eind een brul uit de saxofoon.

Liefhebbers van de avant-gardistische periode van John Coltrane kunnen dit hebben, maar ook dit jonge volk. Wat de drummer doet heeft meer met schilderen te maken dan met hardcore drummen. De beat en het tempo worden bepaald door Jaar, waardoor hij zich bezig kan houden met het inkleuren van de lege ruimtes in de muziek. Het is volgens Jaar dan ook makkelijker om met een band emotie mee te geven dan wanneer je in je eentje achter de knoppen staat.

“Emotie gaat altijd over jouw relatie tot een ander, nooit alleen over jou. En als het wel om jou gaat, dan is het omdat je eenzaam bent en verlangt naar iemand anders. Een emotie creëren gaat dus beter als je het met anderen doet. Dan krijgt muziek meer kleur. Mijn muziek is doorspekt met melancholie, daar hou ik van. Een nummer ‘gewoon voor de leuk’ maken, kan ik niet. Dat zit niet in mijn aard. Ik gebruik er graag oude samples bij. Die hoeven niet eens zo heel obscuur te zijn, het gaat om een moment. Een dezer weken komt mijn nummer What My Last Girl Put Me Through uit op vinyl. In het originele nummer waar die sample vandaan komt, zit een hoop waarin ik niet geïnteresseerd ben. Maar toen ik dat ene zinnetje hoorde, dacht ik meteen ‘dat moet ik gaan loopen’. Zo zat ik vanmiddag in het vliegtuig vanuit Parijs en kreeg ik ineens een ingeving toen ik luisterde naar The XX. Welk nummer zeg ik niet, maar het staat ergens op het eind van het album, haha!”

Zondag 10 juli staat Jaar vroeg in de middag in de Gashouder. Ram op die uil Nico, doe het!

TXT: Nick Klaessens

IMGS: Clown & Sunset archive

Nicolas Jaar

Downtempo hoogtepunten

Nicolas Jaar (21) was de verrassende laatste toevoeging aan de line-up van Pitch Festival. De Newyorkse producer speelt zondag met zijn driekoppige live band op het jongste dancefestival van Amsterdam op het Westergasterrein.

De uil moet het ontgelden. Nicolas Jaar gaat ‘m te lijf met een drumstok. Een dierlijke noodkreet in de vorm van zware subbas geeft het nummer Too Many Kids Finding Rain In The Dust nog meer diepgang. Arme uil. Hij doet al ruim anderhalf uur geen vlieg kwaad. Kijkend naar de puik draaiende opwarmer van de avond Thomas Martojo vraagt een groot deel van Paradiso zich af wat het opgezette beest op het podium doet. Maar van Nicolas Jaar kan het hippe publiek veel hebben. Zoals bijvoorbeeld dat de vette houseverzameling van Martojo met een keurige 110 bpm de vloer van begin af aan in zijn dansbevelende greep heeft en dat Jaar vervolgens de...



Online magazine door BlueBerry